Hi iedereen.
Hier heb ik echt bij het snappen van de verschillende begrippen veeel aan gehad.Bijv:
-ex ante-
Over het algemeen geld dat vóór consumptie vaak geen informatie over de kwaliteit beschikbaar van een informatieproduct is. Informatie een 'ervarings-goed'. De markt is daarom vaak non-transparant, omdat 'consumenten' immers
ex ante niet weten in welke produktmarkt zij opereren en wat de eventuele substituten zijn. De markt speelt hier bijvoorbeeld op in door informatie bij wijze van promotie 'gratis' openbaar te maken [....]
-supply side eos-
Een netwerk of systeem bestaat uit complementaire componenten ofwel systeemprodukten, en verbindingen daartussen die het mogelijk maken samen te werken [...] Voor de produktie van de meeste fysieke (elementen van) netwerken gelden vergelijkbare economische eigenschappen als voor informatieprodukten: hoge vaste (al dan niet 'verzonken') kosten, lage marginale kosten, en dus toenemende schaalvoordelen.
"= supply side economies of schale"-demand side eos-
[...] is dat de waarde van een systeemprodukt (mede) afhangt van het aantal andere (gebruikers van) produkten die deel uitmaken van dat systeem ofwel netwerk
"= demand side economies of scale. Ofwel de waarde van product stijgt voor 1 klant als er meer producten van zijn (uit sheets)" -netwerk effecten-
De waarde van een systeemprodukt bestaat dus behalve uit de waarde die dat produkt op zich heeft (zonder dat er andere gebruikers zijn) ook uit de 'synchronisatie-waarde' die wordt bepaald door het aantal mogelijke interacties. Dit verschijnsel noemt men in het algemeen 'netwerk-effecten' of (vaak enger gedefiniëerde) 'netwerk-externaliteiten'.
-positive feedback-
(Positieve) netwerk-effecten kunnen worden gezien als een schaalvoordeel aan de consumptiezijde. Deze netwerk-effecten leiden tot een teruggekoppelde causaliteit, die zelfversterkend werkt. Wanneer een consument kiest voor een bepaalde standaard, wordt die daardoor aantrekkelijker voor andere consumenten. Dit fenomeen noemt men 'positive feedback'.
Andere dingen die er ook nog instaan zijn:
Directe netwerke effecten
Indirecte netwerk effecten
Leapfrogging
Tippy markets
etc...
In de ref. is veel gebruik gemaakt van de 3 bekende schijvers (vsf) ook in andere publicatie. Ik zou zeggen suc6 met leren voor tentamen.
Groeten
Bart